Druiven bekalken en bemesten

Druiven bekalken en bemesten

Net als zoveel andere planten in uw tuin hebben ook uw druivenplanten een gepaste verzorging nodig om goed te kunnen groeien en mooie, smaakvolle druiven op te leveren. Naast een degelijke bekalking is het ook belangrijk om een goede bemesting te voorzien. 

Bekalken

Een druivelaar heeft een vrij grote kalkbehoefte. De ideale zuurtegraad (pH-waarde) bedraagt 6,5 tot 7. Is de pH van uw grond lager, dan is een jaarlijkse gift DCM Zeewierkalk Poeder als onderhoudsbekalking zeker aangewezen. Bekalken doet u best in het voorjaar. 

Bemesten

Een druivelaar heeft ook veel voeding nodig. De plant begint te groeien vanaf maart en groeit door tot in september. Tijdens deze lange groeiperiode moet er voldoende voeding aanwezig zijn. Daarom gebruikt u best een samengestelde organische meststof die geleidelijk over een lange periode haar voedingselementen vrijgeeft. DCM Meststof Druiven is een perfect op punt gestelde druivenmeststof. Het is een organische bemesting op basis van bloedmeel. Ze bevat extra magnesium, waardoor het vroegtijdig rood verkleuren van de bladeren voorkomen wordt.

Vergeet ook niet, dat een plant die een gepaste voeding krijgt, minder gevoelig is voor externe factoren, zoals temperatuurschommelingen, ziekten of gebreksverschijnselen. 

Hoe DCM Meststof Druiven gebruiken?

  • Bij oude druivenstokken: 60 – 100 g/m² of 40 gram tot 60 gram per individuele druivelaar. Dit om de 10 weken, beginnend bij het uitlopen van het jonge blad tot aan het kleuren van de druiven.
  • Bij pas geplante druivelaars: 50 – 70 g/m² of 30 - 40 gram per druivenstok. Spit deze meststof juist voor het planten onder en van zodra de groei begint, om de 10 weken toedienen.

Slim snoeien doet groeien

Omdat bij een druivelaar de sapstroom al heel vroeg op gang komt, moet hij voor half februari reeds worden gesnoeid. Want eens de sapstroom op gang is, kan deze niet meer gestopt worden en gaat de plant bloeden. Boompjes die goed groeien en de dikte van een potlood bereikt hebben, mag men op 50-60 cm terug snoeien. Later in het groeiseizoen mag u de kruidachtige takken tot op drie ogen terug knippen. Zo kan er nog genoeg licht en lucht aan de groeiende druiven en doenwaardoor ze meer kracht opopdoen en gezond blijven.